Panoptapolitiek die je kunt volgen
Brongebonden Panopta-paginaUitslag en stemmen komen uit Tweede Kamer Open Data; Panopta maakt de samenhang leesbaar.

Verkeer en infrastructuur · Verworpen

Geen Kamermeerderheid voor extra infrastructuurgeld bij Prinsjesdag

De Kamer verwierp een motie die het kabinet vroeg om bij Prinsjesdag extra geld voor infrastructuur te regelen. De motie noemde geen bedrag, dekking, project, regio of vervoersmodaliteit en leidde daardoor niet tot een nieuwe begrotingsopdracht.

VerworpenHidde Heutink (Groep Markuszower)

Gepubliceerd door Panopta op Bijgewerkt op

De kern uitgelegd

Extra geld vraagt meer dan een hoger totaalbedrag

De motie vroeg budgetruimte, maar vulde die niet in

De motie vroeg de regering om de Minister van Infrastructuur en Waterstaat bij Prinsjesdag extra geld voor infrastructuur te geven. In de tekst staat geen bedrag, dekkingsbron, project, regio of verdeling over wegen, spoor, vaarwegen en regionale infrastructuur. Anders dan zustermotie 31 305, nr. 557, die alleen uitsprak dat investeren in infrastructuur belangrijk is voor een sterke economie, vroeg deze motie dus om een budgettaire handeling.38

Het Mobiliteitsfonds bevat veel meer dan nieuwe projecten

De eerste suppletoire begroting voor 2026 kwam uit op circa 10,47 miljard euro aan uitgaven. Dat totaal omvat onder meer hoofdwegen, spoorwegen, hoofdvaarwegen, regionale en lokale infrastructuur, verkenningen en megaprojecten; het is dus geen pot die volledig vrij aan nieuwe projecten kan worden besteed.4

De vrije ruimte was al opgegaan aan tegenvallers

In mei 2026 meldde de regering dat de generieke vrije investeringsruimte van circa 414 miljoen euro volledig was ingezet om tegenvallers in de uitvoering te dekken. Er was daardoor geen vrije investeringsruimte meer in het Mobiliteitsfonds. Extra geld bij Prinsjesdag zou dus een nieuwe budgettaire keuze en dekking hebben gevraagd.5

De uitvoeringsdruk gaat niet alleen over geld

De begroting voor 2026 vermeldt dat in 2023 zeventien weg- en vaarwegprojecten zijn gepauzeerd door een combinatie van stikstofproblemen, financiële tekorten en personele krapte. Dat betekent dat extra budget op zichzelf niet bepaalt welk project uitvoerbaar wordt of wanneer werkzaamheden kunnen starten.6

In gewone taal

Wat stelde deze motie voor?

De motie legde deze keuze voor: extra geld voor infrastructuur regelen.

De Tweede Kamer verwierp het voorstel met 43 zetels voor en 107 tegen. De gevraagde verandering volgt daarom niet uit deze motie.

Officiële formulering

Motie van het lid Heutink over extra geld voor infrastructuur regelen

Procedureel gevolg

De gevraagde verandering volgt daarom niet uit deze motie. Lees wat een motie juridisch betekent.

Wie raakt dit?

Grote begroting, maar geen vrij bedrag voor deze motie

Het Mobiliteitsfonds heeft een begroting van miljarden, terwijl de generieke vrije investeringsruimte al was ingezet. Omdat de verworpen motie geen bedrag of bestemming noemde, is geen project- of persoonlijk effect te berekenen.

EUR 10,47 miljarduitgaven in de eerste suppletoire begroting van het Mobiliteitsfonds4begrotingsjaar 2026; stand bij de Voorjaarsnota 2026

Dit is het totale uitgavenbudget voor meerdere infrastructuurcategorieën en geen vrij besteedbaar bedrag of raming van wat deze motie vroeg.

EUR 0 vrijgenerieke investeringsruimte na inzet voor uitvoeringstegenvallers5gemeld door de regering op 22 mei 2026; eerder circa EUR 414 miljoen

Dit betreft de generieke vrije ruimte binnen het bestaande fonds. Het sluit niet uit dat kabinet en Kamer via een nieuwe begrotingskeuze extra middelen en dekking regelen.

17 projectenweg- en vaarwegprojecten die in 2023 werden gepauzeerd6status beschreven in de Mobiliteitsfondsbegroting 2026

De pauzes hadden samenhang met stikstof, financiële tekorten en personele krapte. De motie noemt niet welke van deze projecten zij met extra geld wilde helpen.

Geen direct effectcijfer

De motie werd verworpen en noemt geen bedrag, dekking, project, modaliteit, regio, termijn of doelgroep. Daardoor is geen direct financieel, geografisch of persoonlijk effect verantwoord toe te rekenen.

Zo lees je dit: De drie cijfers beschrijven het Mobiliteitsfonds en de uitvoeringssituatie; zij zijn geen raming van het bedrag of effect van de verworpen motie.

Wie raakt dit?

Verschillende groepen, verschillende gevolgen

mogelijke gebruikers van toekomstige infrastructuurinvesteringen

Reizigers en vervoerders34

Zonder project, modaliteit of regio is niet vast te stellen welke verbinding of vervoersgroep door het gevraagde extra geld zou veranderen.

mogelijke betrokkenen bij afzonderlijke MIRT-projecten

Omwonenden en regionale overheden37

De motie noemt geen project of gebied en verandert daarom geen planning, participatietraject of regionale financieringsafspraak.

mogelijke uitvoerders van onderhoud en projecten

Infrastructuurbeheerders en marktpartijen467

Extra budget kan alleen tot werk leiden als middelen worden toegewezen en projecten ook financieel, juridisch en personeel uitvoerbaar zijn.

Van extra geld naar uitvoerbaar project

Vier keuzes ontbraken nog in de motie

Een algemene wens voor meer infrastructuurgeld wordt pas uitvoerbaar nadat kabinet en Kamer het bedrag, de dekking en de bestemming vastleggen.

  • Bedrag bepalen3De motie noemt geen omvang voor het extra infrastructuurgeld dat bij Prinsjesdag geregeld moest worden.
  • Dekking kiezen35Omdat de vrije generieke investeringsruimte al was gebruikt, zou nieuw geld een afzonderlijke budgettaire dekking of toevoeging aan het fonds vragen.
  • Bestemming kiezen347Een begrotingsbesluit moet bepalen of middelen naar wegen, spoor, vaarwegen, regionale infrastructuur, onderhoud of afzonderlijke projecten gaan.
  • Uitvoerbaarheid toetsen6Naast geld kunnen stikstofruimte en personele capaciteit bepalen of een project kan worden hervat of gestart.
Hoe Panopta dit impactbeeld maakte

Panopta zocht naar een direct bedrag of projecteffect, vond die niet in de motietekst en gebruikt daarom uitsluitend actuele begrotingsomvang, vrije investeringsruimte en uitvoeringsdruk als afgebakende context.

Delen of publiceren

Publiceer dit Panopta-overzicht met bronvermelding Downloaden is de privacyvriendelijke standaard. Na upload op een eigen site maakt de afbeelding geen verbinding meer met Panopta. Bronnen in de visual: Tweede Kamer, Rijksfinanciën, Rijksoverheid en Mobiliteitsfonds
Download social card Download vierkant
Voorbeeld van de exportPanopta-visual over de verworpen motie voor extra infrastructuurgeld bij Prinsjesdag

De politieke keuze

Wat vroeg de motie?

Regel bij Prinsjesdag extra geld voor infrastructuur en geef de Minister van Infrastructuur en Waterstaat daarmee meer budgettaire ruimte.3

Feit en onzekerheid

Wat weten we nu?

Vaststaat
  • De Kamer verwierp de motie op 2 juli 2026 met 43 stemmen voor en 107 tegen.2
  • De motie vroeg om extra infrastructuurgeld bij Prinsjesdag, zonder bedrag of concrete bestemming te noemen.3
  • De regering meldde in mei 2026 dat de generieke vrije investeringsruimte van het Mobiliteitsfonds volledig was ingezet.5
Nog open
  • Hoeveel extra geld de indiener wilde en uit welke begrotingspost dat bedrag moest komen, is niet in de motietekst vastgelegd.3
  • Welke projecten, regio's of vervoersmodaliteiten prioriteit zouden krijgen, is niet bepaald.347
  • De motie bood geen oplossing voor niet-financiële uitvoeringsbelemmeringen zoals stikstofruimte en personele capaciteit.36

Van besluit naar gevolg

Wat gebeurde er, en wat volgt?

  1. 1

    Voorjaarswijziging Mobiliteitsfonds ingediend

    De eerste suppletoire begroting zette de uitgaven voor 2026 op circa 10,47 miljard euro.4

  2. 2

    Geen generieke vrije investeringsruimte meer

    De regering meldde dat de circa 414 miljoen euro vrije ruimte volledig was ingezet voor tegenvallers in de uitvoering.5

  3. 3

    Motie ingediend

    Hidde Heutink diende het verzoek in om bij Prinsjesdag extra geld voor infrastructuur te regelen.1

  4. 4

    Motie verworpen

    De Kamer verwierp het verzoek met 43 stemmen voor en 107 tegen.2

Aanlooponderzoek · onderzoeksbeta

Wat gebeurde er vóór dit besluit?

Panopta controleerde voor ieder besluit dezelfde 10 openbare bronroutes, van 3 januari 2026 tot 2 juli 2026. Een match is een aanleiding om verder te kijken, geen bewijs van beïnvloeding.

Onderzoeksroutes met bronmatch
0
Eerdere besluiten getoond
8
Controles zonder match
0
Nog onvoldoende dekking
9

Geen directe publiceerbare match. Dat betekent niet dat er geen contact of invloed was. De uitklapbare controles laten zien welke routes zijn onderzocht en waar dekking nog ontbreekt.

Bekijk de 10 controles en hun grenzen
P1

Openbare agenda's

Nog niet vast te stellen

Geen directe match gevonden in de beschikbare agenda-items. Zonder een aaneengesloten dekkingsledger publiceert Panopta dit niet als nulresultaat.

Dit doorzoekt alleen de gepubliceerde openbare agenda's van bewindspersonen. Ongeplande, partijpolitieke of om veiligheids- en Woo-redenen weggelaten contacten kunnen ontbreken; een onderwerpsovereenkomst bewijst geen invloed.
P10

Eerdere besluiten binnen het onderwerp

Onderwerpcontext gevonden

45 eerdere besluiten binnen dezelfde hoofdindeling in de 180 dagen ervoor; de acht meest recente staan hieronder.

Dit zijn eerdere formele besluiten met dezelfde Panopta-hoofdindeling. Het zijn niet automatisch vergelijkbare voorstellen; de titel en bron blijven daarom zichtbaar.
P2

Externe inbreng bij de Kamer

Nog niet vast te stellen

Geen directe match gevonden in de beschikbare Kameractiviteiten. Agendapunten, documenten en aaneengesloten brondekking zijn nog niet volledig gecontroleerd, dus dit is geen nulresultaat.

De huidige productiecontrole omvat openbare Kameractiviteiten zoals rondetafelgesprekken, petities, werkbezoeken, gesprekken, hoorzittingen en technische briefings. Agendapunten en documenten worden pas onderdeel van een nulconclusie na een eigen dekkingsaudit. Een activiteit toont niet wie een standpunt heeft veroorzaakt.
P3

Consultatie en tekstoverlap

Nog niet vast te stellen

De huidige bronlaag kan consultatiekandidaten vinden, maar nog geen woordelijke overdracht veilig vaststellen.

Een onderwerpsovereenkomst met een internetconsultatie is nog geen argument-overdracht. Daarvoor moeten de ingediende tekst en de latere Kamerinbreng versieerbaar en woordelijk vergelijkbaar zijn.
P4

Openbare registers

Nog niet vast te stellen

Geen gedateerde onderwerp-match gevonden bij de gekoppelde indieners. De registers hebben nog geen persoons- en periodegebonden dekkingsledger, dus Panopta publiceert geen nulconclusie.

Dit vergelijkt alleen de officiële profielregisters van de indieners met het onderwerp. Een loopbaan, nevenfunctie, reis of gift is context en bewijst geen belangenverstrengeling of invloed op de stem.
P5

Verschil tussen stemblokken

Nog niet vast te stellen

Stemblokken kunnen pas eerlijk worden vergeleken wanneer contacten en externe inbreng aan fracties of woordvoerders zijn gekoppeld. Die actor-dekking is nog niet volledig.

Voor- en tegenstemmers zijn geen automatische controlegroep: partijen kunnen verschillende rollen, portefeuilles en toegang hebben. Panopta toont daarom geen asymmetriescore zonder vergelijkbare actor-dekking.
P6

Eerdere toezeggingen

Nog niet vast te stellen

Geen eerdere toezegging met een directe match gevonden in de beschikbare, aan activiteiten gekoppelde records. Zonder aaneengesloten dekkingsledger volgt geen nulconclusie.

Dit is een onderwerpmatch in de officiële toezeggingenregistratie. Alleen een expliciete dossier- of motieverwijzing maakt een toezegging direct aan dit besluit gekoppeld.
P7

EU-lobbyregister en Commissie-afspraken

Bronroute nog niet aangesloten

De EU-transparantieregister- en Commissieafsprakenroute is officieel gedocumenteerd, maar nog niet historisch en op organisatieniveau aangesloten op Panopta.

Zonder geaccepteerde organisatie-alias en aantoonbare periode-dekking publiceert Panopta geen treffer of nulconclusie uit deze bronnen.
P8

Partijfinanciering

Bronroute nog niet aangesloten

De officiële Wfpp-route voor partijfinanciering is gedocumenteerd, maar de verschillende meldingsdrempels en verslagperioden zijn nog niet als afzonderlijke reeksen aangesloten.

Een openbaar gemaakte gift is partijfinanciering en geen bewijs van contact, tegenprestatie of invloed. Panopta koppelt pas na exacte partij- of neveninstellingsresolutie.
P9

Publiek geld en opdrachten

Bronroute nog niet aangesloten

De officiële routes voor aanbestedingen en subsidies zijn nog niet uniform aan organisaties en dit besluit gekoppeld.

Een gift, subsidie of opdracht is economische context en geen bewijs van lobbycontact, tegenprestatie of invloed. Panopta toont pas resultaten na een controleerbare organisatiejoin.

Officiële identiteit

Kamerstuk 31 305, nr. 558

Officiële titel
Motie van het lid Heutink over extra geld voor infrastructuur regelen
Ingediend
30 juni 2026
Besloten
2 juli 2026
Type en stadium
Motie · Verworpen

Onderdeel van een motieserie. Dit voorstel vroeg om extra geld voor infrastructuur regelen; de nabijgelegen motie legt een andere vraag binnen hetzelfde dossier voor.

Volledige stemregistratie

Wie stemde voor en wie tegen?

43 voor · 107 tegen. Wanneer een fractie verdeeld stemde, toont Panopta de fractie aan beide kanten en benoemt het de gekoppelde individuele stemmen. Bekijk de actuele zetelverdeling of vergelijk het parlementaire spoor van partijen.

Voor43 zetels
  • PVV19 zetels
  • FVD7 zetels
  • Groep Markuszower7 zetels
  • BBB3 zetels
  • ChristenUnie3 zetels
  • SGP3 zetels
  • Keijzer1 zetel
Tegen107 zetels
  • D6626 zetels
  • VVD22 zetels
  • PRO20 zetels
  • CDA18 zetels
  • JA219 zetels
  • DENK3 zetels
  • PvdD3 zetels
  • SP3 zetels
  • 50PLUS2 zetels
  • Volt1 zetel
Waarom dit opvalt

De Kamer verwierp de motie op 2 juli 2026 met 43 stemmen voor en 107 tegen. BBB, ChristenUnie, FVD, Groep Markuszower, Keijzer, PVV en SGP stemden voor; de overige geregistreerde fracties stemden tegen. Voor een meerderheid waren 76 zetels nodig.

Zien en horen

De stemming in 20 seconden

Het geregistreerde stemmoment bij deze motie, met de tekstuele uitslag ernaast.

Uitslag
Verworpen
Datum
2 juli 2026
Duur
16 seconden

Tekstbeschrijving

AankondigingDe voorzitter kondigt de motie-Heutink over extra geld voor infrastructuur regelen (31305, nr. 558) aan.

UitslagDe geregistreerde uitslag is verworpen.

Beeld: Tweede Kamer der Staten-Generaal (bewerkt)

Controlelaag

Bronnen en onderbouwing

Bekijk per bron wat erin staat, waarom Panopta haar gebruikt en waar de onderbouwing ophoudt.

  1. 1

    Motie van het lid Heutink over extra geld voor infrastructuur regelen

    Tweede Kamer Open Data 30 juni 2026 Tweede Kamer authority-record voor zaakidentiteit

    Open bron bij Tweede Kamer Open Data
    Bekijk Panopta's onderbouwing

    Samenvatting van de bron

    Bevroren authority-record voor de formele zaakidentiteit, titel, indiener en indieningsdatum.

    Waarom relevant voor dit besluit

    Verankert het dossier zonder de formele bron opnieuw te valideren.

    Hiervoor gebruikt

    • Hidde Heutink diende het verzoek in om bij Prinsjesdag extra geld voor infrastructuur te regelen.

    Wat deze bron niet bewijst

    Dit zaakrecord bevat niet de integrale motietekst en wordt niet gebruikt voor begrotings- of effectclaims.

  2. 2

    Stemmingsregistratie: verworpen

    Tweede Kamer Open Data 2 juli 2026 Tweede Kamer authority-record voor besluit en stemming

    Open bron bij Tweede Kamer Open Data
    Bekijk Panopta's onderbouwing

    Samenvatting van de bron

    Bevroren authority-record met de verworpen status, gevalideerde stemdatum, fractierichtingen en zeteltelling.

    Waarom relevant voor dit besluit

    Is de gezaghebbende basis voor de uitslag van 43 stemmen voor en 107 tegen.

    Hiervoor gebruikt

    • De Kamer verwierp de motie op 2 juli 2026 met 43 stemmen voor en 107 tegen.
    • De Kamer verwierp het verzoek met 43 stemmen voor en 107 tegen.

    Wat deze bron niet bewijst

    De decision-authority bevat geen integrale motietekst en bewijst geen reden voor de stem van een fractie.

  3. 3

    Motie over extra geld voor infrastructuur bij Prinsjesdag

    Officiële Bekendmakingen 30 juni 2026 Officiele volledige Kamerstuktekst

    Open bron bij Officiële Bekendmakingen
    Bekijk Panopta's onderbouwing

    Samenvatting van de bron

    De volledige motietekst vraagt extra geld voor infrastructuur bij Prinsjesdag, maar noemt geen bedrag, dekking, bestemming, modaliteit of project.

    Waarom relevant voor dit besluit

    Bepaalt de budgettaire vraag en de grenzen van wat niet aan de motie kan worden toegerekend.

    Hiervoor gebruikt

    • De motie vroeg de regering om de Minister van Infrastructuur en Waterstaat bij Prinsjesdag extra geld voor infrastructuur te geven. In de tekst staat geen bedrag, dekkingsbron, project, regio of verdeling over wegen, spoor, vaarwegen en regionale infrastructuur. Anders dan zustermotie 31 305, nr. 557, die alleen uitsprak dat investeren in infrastructuur belangrijk is voor een sterke economie, vroeg deze motie dus om een budgettaire handeling.
    • De motie noemt geen omvang voor het extra infrastructuurgeld dat bij Prinsjesdag geregeld moest worden.
    • Omdat de vrije generieke investeringsruimte al was gebruikt, zou nieuw geld een afzonderlijke budgettaire dekking of toevoeging aan het fonds vragen.
    • Een begrotingsbesluit moet bepalen of middelen naar wegen, spoor, vaarwegen, regionale infrastructuur, onderhoud of afzonderlijke projecten gaan.
    • Zonder project, modaliteit of regio is niet vast te stellen welke verbinding of vervoersgroep door het gevraagde extra geld zou veranderen.
    • De motie noemt geen project of gebied en verandert daarom geen planning, participatietraject of regionale financieringsafspraak.
    • Regel bij Prinsjesdag extra geld voor infrastructuur en geef de Minister van Infrastructuur en Waterstaat daarmee meer budgettaire ruimte.
    • De motie noemt geen bedrag, dekkingsbron, project, regio, vervoersmodaliteit of termijn en wijzigt de begroting niet zelf; na verwerping ontstond geen formele opdracht.
    • De motie vroeg om extra infrastructuurgeld bij Prinsjesdag, zonder bedrag of concrete bestemming te noemen.
    • Hoeveel extra geld de indiener wilde en uit welke begrotingspost dat bedrag moest komen, is niet in de motietekst vastgelegd.
    • Welke projecten, regio's of vervoersmodaliteiten prioriteit zouden krijgen, is niet bepaald.
    • De motie bood geen oplossing voor niet-financiële uitvoeringsbelemmeringen zoals stikstofruimte en personele capaciteit.
    • De motie vraagt breed om extra geld voor infrastructuur zonder een afzonderlijke modaliteit of project te kiezen.
    • De tekst beperkt het geld niet tot onderhoud en noemt geen weg-, spoor- of vaarwegproject.
    • De regering moest bij Prinsjesdag extra geld voor infrastructuur regelen.
    • De motie specificeert geen bedrag, dekking of begrotingsartikel en is verworpen.
    • De gevraagde verandering moest via extra budgettaire ruimte bij Prinsjesdag tot stand komen.
    • De tekst wijzigt geen begrotingsstaat en bevat geen dekking of verdeling.
    • De motie wilde bij Prinsjesdag extra budgettaire ruimte voor de Minister van Infrastructuur en Waterstaat regelen.
    • Na verwerping ontstond geen nieuwe uitvoeringsopdracht of begrotingsrecht.
    • Rijkswaterstaat, ProRail en andere beheerders kunnen middelen uitvoeren wanneer een begroting die aan concrete programma's of projecten toewijst.
    • De motie noemt geen beheerder, project of verdeling en kent hun geen middelen toe.

    Wat deze bron niet bewijst

    De politieke constateringen in de motie zijn standpunten van de indiener en worden niet als onafhankelijk vastgestelde feiten gebruikt.

  4. 4

    Eerste suppletoire begroting Mobiliteitsfonds 2026

    Ministerie van Financiën en Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat 2 april 2026 Officieel begrotingsvoorstel

    Open bron bij Ministerie van Financiën en Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
    Bekijk Panopta's onderbouwing

    Samenvatting van de bron

    De begrotingsstaat specificeert de uitgaven van het Mobiliteitsfonds voor 2026 en verdeelt die over infrastructuurcategorieën.

    Waarom relevant voor dit besluit

    Geeft de actuele omvang en samenstelling van het fonds waarbinnen de motie om extra geld vroeg.

    Hiervoor gebruikt

    • De eerste suppletoire begroting voor 2026 kwam uit op circa 10,47 miljard euro aan uitgaven. Dat totaal omvat onder meer hoofdwegen, spoorwegen, hoofdvaarwegen, regionale en lokale infrastructuur, verkenningen en megaprojecten; het is dus geen pot die volledig vrij aan nieuwe projecten kan worden besteed.
    • Dit is het totale uitgavenbudget voor meerdere infrastructuurcategorieën en geen vrij besteedbaar bedrag of raming van wat deze motie vroeg.
    • Een begrotingsbesluit moet bepalen of middelen naar wegen, spoor, vaarwegen, regionale infrastructuur, onderhoud of afzonderlijke projecten gaan.
    • Zonder project, modaliteit of regio is niet vast te stellen welke verbinding of vervoersgroep door het gevraagde extra geld zou veranderen.
    • Extra budget kan alleen tot werk leiden als middelen worden toegewezen en projecten ook financieel, juridisch en personeel uitvoerbaar zijn.
    • Welke projecten, regio's of vervoersmodaliteiten prioriteit zouden krijgen, is niet bepaald.
    • De eerste suppletoire begroting zette de uitgaven voor 2026 op circa 10,47 miljard euro.
    • Rijkswaterstaat, ProRail en andere beheerders kunnen middelen uitvoeren wanneer een begroting die aan concrete programma's of projecten toewijst.
    • De motie noemt geen beheerder, project of verdeling en kent hun geen middelen toe.

    Wat deze bron niet bewijst

    Het totaal is geen vrije investeringsruimte en zegt niet hoeveel extra geld de motie vroeg of welk project daarvan zou profiteren.

  5. 5

    Nota naar aanleiding van het verslag over de Mobiliteitsfondsbegroting 2026

    Eerste Kamer der Staten-Generaal 22 mei 2026 Officiele kabinetsantwoorden bij de begroting

    Open bron bij Eerste Kamer der Staten-Generaal
    Bekijk Panopta's onderbouwing

    Samenvatting van de bron

    De regering legt uit dat de circa 414 miljoen euro generieke vrije investeringsruimte uit de ontwerpbegroting volledig is ingezet voor uitvoeringstegenvallers.

    Waarom relevant voor dit besluit

    Laat zien waarom extra infrastructuurgeld een nieuwe budgettaire keuze en dekking zou vereisen.

    Hiervoor gebruikt

    • In mei 2026 meldde de regering dat de generieke vrije investeringsruimte van circa 414 miljoen euro volledig was ingezet om tegenvallers in de uitvoering te dekken. Er was daardoor geen vrije investeringsruimte meer in het Mobiliteitsfonds. Extra geld bij Prinsjesdag zou dus een nieuwe budgettaire keuze en dekking hebben gevraagd.
    • Dit betreft de generieke vrije ruimte binnen het bestaande fonds. Het sluit niet uit dat kabinet en Kamer via een nieuwe begrotingskeuze extra middelen en dekking regelen.
    • Omdat de vrije generieke investeringsruimte al was gebruikt, zou nieuw geld een afzonderlijke budgettaire dekking of toevoeging aan het fonds vragen.
    • De regering meldde in mei 2026 dat de generieke vrije investeringsruimte van het Mobiliteitsfonds volledig was ingezet.
    • De regering meldde dat de circa 414 miljoen euro vrije ruimte volledig was ingezet voor tegenvallers in de uitvoering.

    Wat deze bron niet bewijst

    Geen vrije generieke ruimte betekent niet dat nieuw geld onmogelijk is; kabinet en parlement kunnen via de begrotingsprocedure andere keuzes maken.

  6. 6

    Mobiliteitsfonds Rijksbegroting 2026

    Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat 16 september 2025 Officiele fonds- en uitvoeringsbegroting

    Open bron bij Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
    Bekijk Panopta's onderbouwing

    Samenvatting van de bron

    De begroting beschrijft de herprioritering van MIRT-projecten en noemt financiële tekorten, stikstofproblemen en personele krapte als gezamenlijke uitvoeringsbelemmeringen.

    Waarom relevant voor dit besluit

    Geeft een controleerbare grens aan het idee dat alleen extra geld bepaalt welke infrastructuurprojecten doorgaan.

    Hiervoor gebruikt

    • De begroting voor 2026 vermeldt dat in 2023 zeventien weg- en vaarwegprojecten zijn gepauzeerd door een combinatie van stikstofproblemen, financiële tekorten en personele krapte. Dat betekent dat extra budget op zichzelf niet bepaalt welk project uitvoerbaar wordt of wanneer werkzaamheden kunnen starten.
    • De pauzes hadden samenhang met stikstof, financiële tekorten en personele krapte. De motie noemt niet welke van deze projecten zij met extra geld wilde helpen.
    • Naast geld kunnen stikstofruimte en personele capaciteit bepalen of een project kan worden hervat of gestart.
    • Extra budget kan alleen tot werk leiden als middelen worden toegewezen en projecten ook financieel, juridisch en personeel uitvoerbaar zijn.
    • De motie bood geen oplossing voor niet-financiële uitvoeringsbelemmeringen zoals stikstofruimte en personele capaciteit.
    • Rijkswaterstaat, ProRail en andere beheerders kunnen middelen uitvoeren wanneer een begroting die aan concrete programma's of projecten toewijst.
    • De motie noemt geen beheerder, project of verdeling en kent hun geen middelen toe.

    Wat deze bron niet bewijst

    De zeventien projecten werden in 2023 gepauzeerd; dit is historische uitvoeringscontext en geen effect van de motie uit 2026.

  7. 7

    Werkwijze Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport

    Rijksoverheid geraadpleegd 13 augustus 2026 Officiele uitleg over programmering en besluitvorming

    Open bron bij Rijksoverheid
    Bekijk Panopta's onderbouwing

    Samenvatting van de bron

    De Rijksoverheid beschrijft hoe projecten en programma's via het MIRT worden onderzocht, afgewogen, gefinancierd en jaarlijks rond Prinsjesdag in het MIRT-overzicht worden gepresenteerd.

    Waarom relevant voor dit besluit

    Maakt duidelijk welke keuzes nog nodig zijn voordat algemeen extra budget aan projecten, regio's of modaliteiten kan worden gekoppeld.

    Hiervoor gebruikt

    • Een begrotingsbesluit moet bepalen of middelen naar wegen, spoor, vaarwegen, regionale infrastructuur, onderhoud of afzonderlijke projecten gaan.
    • De motie noemt geen project of gebied en verandert daarom geen planning, participatietraject of regionale financieringsafspraak.
    • Extra budget kan alleen tot werk leiden als middelen worden toegewezen en projecten ook financieel, juridisch en personeel uitvoerbaar zijn.
    • Welke projecten, regio's of vervoersmodaliteiten prioriteit zouden krijgen, is niet bepaald.
    • Rijkswaterstaat, ProRail en andere beheerders kunnen middelen uitvoeren wanneer een begroting die aan concrete programma's of projecten toewijst.
    • De motie noemt geen beheerder, project of verdeling en kent hun geen middelen toe.

    Wat deze bron niet bewijst

    De algemene MIRT-uitleg wijst geen bestemming toe aan het ongespecificeerde geld uit deze motie.

  8. 8

    Zustermotie over investeren in infrastructuur als randvoorwaarde

    Officiële Bekendmakingen 30 juni 2026 Officiele volledige Kamerstuktekst

    Open bron bij Officiële Bekendmakingen
    Bekijk Panopta's onderbouwing

    Samenvatting van de bron

    De direct voorafgaande motie van dezelfde indiener spreekt een politiek oordeel uit over investeren in infrastructuur en vraagt geen geld of uitvoeringshandeling.

    Waarom relevant voor dit besluit

    Voorkomt verwarring tussen een symbolische uitspraak in nummer 557 en het budgettaire verzoek in nummer 558.

    Hiervoor gebruikt

    • De motie vroeg de regering om de Minister van Infrastructuur en Waterstaat bij Prinsjesdag extra geld voor infrastructuur te geven. In de tekst staat geen bedrag, dekkingsbron, project, regio of verdeling over wegen, spoor, vaarwegen en regionale infrastructuur. Anders dan zustermotie 31 305, nr. 557, die alleen uitsprak dat investeren in infrastructuur belangrijk is voor een sterke economie, vroeg deze motie dus om een budgettaire handeling.

    Wat deze bron niet bewijst

    De bron zegt niets over de uitvoering of dekking van de hier behandelde motie en wordt alleen voor het feitelijke onderscheid gebruikt.