Wonen · Aangenomen
Praktijkvoorbeelden moeten vroege inspraak bij woningbouw versterken
De Kamer nam unaniem het verzoek aan om goede voorbeelden van vroege participatie bij woningbouw te bundelen en actief te delen met gemeenten en initiatiefnemers. Het Kenniscentrum Woningbouw krijgt die taak binnen de versnellingsaanpak, maar de motie legt geen uniforme participatiemethode of resultaat vast.
Gepubliceerd door Panopta op Bijgewerkt op
In gewone taal
Wat stelde deze motie voor?
De motie legde deze keuze voor: het bundelen van goede voorbeelden van vroege participatie bij woningbouw.
De Tweede Kamer nam het voorstel aan met 150 zetels voor en 0 tegen. Daarmee ligt er een politieke opdracht aan het kabinet; deze uitslag zegt nog niet dat het verzoek al is uitgevoerd.
Motie van het lid Van Asten c.s. over het bundelen van goede voorbeelden van vroege participatie bij woningbouw
Daarmee ligt er een politieke opdracht aan het kabinet; deze uitslag zegt nog niet dat het verzoek al is uitgevoerd. Lees wat een motie juridisch betekent.
Context
Waar dit echt over gaat
De motie vraagt niet om nieuwe participatieregels. Zij vraagt de regering bestaande goede voorbeelden te verzamelen, actief onder gemeenten en woningbouwinitiatiefnemers te verspreiden en dit werk bij het Kenniscentrum Woningbouw onder te brengen als onderdeel van de versnellingsaanpak.3
Bij een gewone aanvraag om een omgevingsvergunning moet de aanvrager melden of participatie plaatsvond en wat het resultaat was, maar participatie is meestal vrijwillig. Alleen voor door de gemeenteraad aangewezen buitenplanse omgevingsplanactiviteiten kan zij een verplicht aanvraagvereiste zijn.4
Een evaluatie van de omgevingsvergunning laat zien dat veel gemeenten al beleid en handreikingen hebben, terwijl de praktische invulling uiteenloopt. Geïnterviewde bevoegde gezagen konden nog niet vaststellen dat het aanvraagvereiste landelijk tot meer participatie leidt; slecht georganiseerde participatie kan verkeerde verwachtingen wekken.5
Het kabinet kondigde het Kenniscentrum Woningbouw eerder aan als onderdeel van Uitvoeringskracht Woningbouw, uitgevoerd door VNG en Platform31. Het centrum moest vanaf 1 juli 2026 bestaande kennis over versnelling bundelen en gemeenten helpen methoden in hun organisatie en werkprocessen toe te passen.6
Wie raakt dit?
Veel gemeenten hebben al uitleg, maar kwaliteit blijft projectafhankelijk
Het aandeel gemeenten met een handreiking toont dat er al veel lokale kennisproducten bestaan die het kenniscentrum kan vergelijken en verspreiden. Het cijfer meet niet de kwaliteit van die voorbeelden en evenmin of vroege participatie bezwaar, beroep of bouwtijd vermindert.
Zo lees je dit: De 77 procent zegt alleen dat een document beschikbaar was. Het evaluatieonderzoek stelt geen landelijk effect op draagvlak, bezwaren, beroepen of woningbouwtempo vast.

Feit en onzekerheid
Wat weten we nu?
- De Kamer nam het verzoek unaniem aan met 150 zetels voor en geen geregistreerde tegenstemmen.2
- Het Kenniscentrum Woningbouw was al aangekondigd als een door VNG en Platform31 uitgevoerde route voor kennisbundeling en ondersteuning van gemeenten bij woningbouwversnelling.6
- Participatie bij een gewone vergunningaanvraag is vormvrij en meestal vrijwillig; onvoldoende participatie is geen zelfstandige grond om de vergunning te weigeren.45
- In de VNG-monitor over het eerste kwartaal van 2025 had 77 procent van de gemeenten een handreiking of leidraad voor initiatiefnemers gepubliceerd.5
- Welke voorbeelden het kenniscentrum als kwalitatief goed selecteert en welke doelgroepen, projectfasen en woningbouwtypen daarin worden vertegenwoordigd.356
- Via welk product of kanaal de voorbeelden actief bij gemeenten en initiatiefnemers terechtkomen en hoe gebruik ervan wordt gevolgd.36
- Of de verspreide werkwijzen in de praktijk leiden tot beter geïnformeerde deelnemers, aangepast ontwerp, meer draagvlak of minder bezwaar en beroep.358
- Wanneer het kabinet de Kamer voor het eerst over uitvoering, bereik en leerresultaten van deze specifieke opdracht informeert.36
Van besluit naar gevolg
Wat gebeurde er, en wat volgt?
- 1
Kenniscentrum aangekondigd
Het kabinet kondigde aan dat VNG en Platform31 via het Kenniscentrum Woningbouw bestaande versnellingskennis zouden bundelen en gemeenten ondersteunen.6
- 2
Participatieopdracht voorgesteld
Van Asten, Grinwis en Steen vroegen om de landelijke kennisroute specifiek ook voor goede voorbeelden van vroege woningbouwparticipatie te gebruiken.3
- 3
- 4
Officiële identiteit
Kamerstuk 33 118, nr. 329
- Officiële titel
- Motie van het lid Van Asten c.s. over het bundelen van goede voorbeelden van vroege participatie bij woningbouw
- Indieners
- Ingediend
- 25 juni 2026
- Besloten
- 30 juni 2026
- Type en stadium
- Motie · Aangenomen
Onderdeel van een motieserie. Dit voorstel vroeg om het bundelen van goede voorbeelden van vroege participatie bij woningbouw; de nabijgelegen motie legt een andere vraag binnen hetzelfde dossier voor.
Volledige stemregistratie
Wie stemde voor en wie tegen?
150 voor · 0 tegen. Wanneer een fractie verdeeld stemde, toont Panopta de fractie aan beide kanten en benoemt het de gekoppelde individuele stemmen. Bekijk de actuele zetelverdeling of vergelijk het parlementaire spoor van partijen.
- D6626 zetels
- VVD22 zetels
- PRO20 zetels
- PVV19 zetels
- CDA18 zetels
- JA219 zetels
- FVD7 zetels
- Groep Markuszower7 zetels
- BBB3 zetels
- ChristenUnie3 zetels
- DENK3 zetels
- PvdD3 zetels
- SGP3 zetels
- SP3 zetels
- 50PLUS2 zetels
- Keijzer1 zetel
- Volt1 zetel
Alle 17 geregistreerde fracties stemden voor, samen 150 zetels. De motie was daarmee unaniem aangenomen. De autoriteitsregistratie bevat geen afzonderlijke stemverklaringen en geeft dus geen motivering per fractie.
Zien en horen
De stemming in 20 seconden
Het geregistreerde stemmoment bij deze motie, met de tekstuele uitslag ernaast.
- Uitslag
- Aangenomen
- Datum
- 30 juni 2026
- Duur
- 16 seconden
Tekstbeschrijving
AankondigingDe voorzitter kondigt de motie-Van Asten c.s. over het bundelen van goede voorbeelden van vroege participatie bij woningbouw (33118, nr. 329) aan.
UitslagDe geregistreerde uitslag is aangenomen.
Beeld: Tweede Kamer der Staten-Generaal (bewerkt)
Controlelaag
Bronnen en onderbouwing
Bekijk per bron wat erin staat, waarom Panopta haar gebruikt en waar de onderbouwing ophoudt.
- 1Open bron bij Tweede Kamer Open Data
Motie van het lid Van Asten c.s. over het bundelen van goede voorbeelden van vroege participatie bij woningbouw
Tweede Kamer Open Data 25 juni 2026 Open datarecord
Link gecontroleerd opBekijk Panopta's onderbouwing
Samenvatting van de bron
Het zaakrecord bevat de bevroren formele identiteit, indieners en indieningsregistratie van de motie.
Waarom relevant voor dit besluit
Dit record koppelt de uitleg aan precies het verzoek van Van Asten, Grinwis en Steen.
Hiervoor gebruikt
- Officiële titel
- Indieners
- Formele indiening
Wat deze bron niet bewijst
Het zaakrecord bevat niet de volledige motietekst en beschrijft geen geselecteerde voorbeelden of uitvoering.
- 2Open bron bij Tweede Kamer Open Data
Stemmingsregistratie: aangenomen
Tweede Kamer Open Data 30 juni 2026 Stemmingsregistratie
Link gecontroleerd opBekijk Panopta's onderbouwing
Samenvatting van de bron
Het besluitrecord registreert de aangenomen status en de bevroren stemrichting en zeteltallen per fractie.
Waarom relevant voor dit besluit
Dit is de autoriteitsbron voor de unanieme uitslag met 150 zetels voor.
Hiervoor gebruikt
- Uitslag aangenomen
- 150 zetels voor
- Volledige fractieverdeling
Wat deze bron niet bewijst
De registratie bevat geen stemverklaringen en zegt niet hoe of wanneer het kabinet de motie uitvoert.
- 3Open bron bij Tweede Kamer der Staten-Generaal
Kamerstuk 33 118, nr. 329
Tweede Kamer der Staten-Generaal 25 juni 2026 Volledige officiële motietekst
Link gecontroleerd opBekijk Panopta's onderbouwing
Samenvatting van de bron
De volledige motietekst vraagt om goede voorbeelden van vroege participatie bij woningbouw te bundelen, actief te verspreiden onder gemeenten en initiatiefnemers en de taak bij het Kenniscentrum Woningbouw te beleggen als onderdeel van de versnellingsaanpak.
Waarom relevant voor dit besluit
Deze bron bepaalt alle drie materiële onderdelen van de opdracht en voorkomt dat kennisbundeling wordt verward met een nieuwe participatieplicht.
Hiervoor gebruikt
- Bundelen van goede voorbeelden
- Actieve verspreiding
- Gemeenten en initiatiefnemers
- Belegging bij Kenniscentrum Woningbouw
Wat deze bron niet bewijst
De motie bevat geen selectiecriteria, deadline, budget, verplichte methode of gemeten effect op procedures.
- 4Open bron bij Informatiepunt Leefomgeving
Participatie bij de omgevingsvergunning
Informatiepunt Leefomgeving geraadpleegd 9 augustus 2026 Officiële uitvoeringsuitleg
Link gecontroleerd opBekijk Panopta's onderbouwing
Samenvatting van de bron
IPLO legt uit dat een aanvrager meldt of participatie plaatsvond en wat het resultaat was, maar dat participatie meestal vrijwillig en vormvrij is. Alleen aangewezen BOPA-gevallen kunnen een verplicht aanvraagvereiste hebben; onvoldoende participatie is geen zelfstandige weigeringsgrond.
Waarom relevant voor dit besluit
De bron geeft de huidige wettelijke basis waarbinnen de verzamelde voorbeelden door gemeenten en initiatiefnemers kunnen worden gebruikt.
Hiervoor gebruikt
- Meestal vrijwillige participatie
- BOPA-uitzondering
- Vormvrijheid
- Geen zelfstandige weigeringsgrond
Wat deze bron niet bewijst
De pagina meet niet welke participatievorm goed is en toont geen effect op draagvlak, bezwaar, beroep of bouwsnelheid.
- 5Open bron bij Evaluatiecommissie Omgevingswet
Onderzoek omgevingsvergunning
Evaluatiecommissie Omgevingswet 2026; geraadpleegd 9 augustus 2026 Officieel evaluatieonderzoek
Link gecontroleerd opBekijk Panopta's onderbouwing
Samenvatting van de bron
Het evaluatieonderzoek beschrijft de eerste uitvoeringspraktijk van de omgevingsvergunning. Het haalt VNG-cijfers aan: 83 procent van gemeenten had participatiebeleid, 77 procent een handreiking of leidraad voor initiatiefnemers en 34 procent beoordelingscriteria in kwartaal 1 van 2025. Gesprekspartners zien nog geen vastgesteld landelijk effect en noemen ook risico op verkeerde verwachtingen.
Waarom relevant voor dit besluit
De bron toont hoeveel lokale documentatie al beschikbaar is, waarom bundeling nuttig kan zijn en waarom de kwaliteit en werking afzonderlijk moeten worden beoordeeld.
Hiervoor gebruikt
- Metric 77 procent
- Verschillen in lokale uitvoering
- Geen vastgesteld landelijk participatie-effect
- Risico van slecht georganiseerde participatie
Wat deze bron niet bewijst
De percentages meten aanwezigheid van beleid en documenten, niet de kwaliteit daarvan. Het kwalitatieve onderzoek is geen effectmeting van deze motie en BOPA viel buiten de hoofdscope.
- 6Open bron bij Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
Eerste resultaten Taskforce Versnelling Woningbouw
Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening 20 april 2026 Officiële Kamerbrief
Link gecontroleerd opBekijk Panopta's onderbouwing
Samenvatting van de bron
De brief kondigt het Kenniscentrum Woningbouw met werktitel aan als eerste concrete stap van Uitvoeringskracht Woningbouw, operationeel vanaf 1 juli 2026 en uitgevoerd door VNG en Platform31. Het centrum moet bestaande kennis bundelen en gemeenten helpen werkwijzen toe te passen.
Waarom relevant voor dit besluit
Deze bron identificeert de bestaande organisatie en uitvoeringsroute waaraan de motie de participatievoorbeelden wil toevoegen.
Hiervoor gebruikt
- Aangekondigde start 1 juli 2026
- Uitvoering door VNG en Platform31
- Bundeling van bestaande kennis
- Ondersteuning van gemeenten
Wat deze bron niet bewijst
De brief is van vóór de motie, noemt vroege participatievoorbeelden niet als afzonderlijk product en bewijst niet dat die bundel al is verschenen.
- 7Open bron bij Volkshuisvesting Nederland
Versnellen woningbouwprocessen
Volkshuisvesting Nederland geraadpleegd 9 augustus 2026 Actuele beleids- en uitvoeringsinformatie
Link gecontroleerd opBekijk Panopta's onderbouwing
Samenvatting van de bron
De pagina beschrijft de bredere versnellingsaanpak: parallel plannen, capaciteit versterken, participatie faciliteren, bouweisen standaardiseren en wet- en regelgeving aanpassen. Bij participatie noemt het ministerie specifiek een stem en gezicht voor woningzoekenden.
Waarom relevant voor dit besluit
De bron plaatst de kennisbundel in de bredere aanpak en ondersteunt de mogelijke relevantie voor woningzoekenden zonder hen tot verplichte doelgroep van de motie te maken.
Hiervoor gebruikt
- Versnellingsaanpak als beleidscontext
- Participatie als één van meerdere actielijnen
- Mogelijke rol voor woningzoekenden
Wat deze bron niet bewijst
De pagina is geen evaluatie van vroege participatie en schrijft geen causaal effect op bezwaar, beroep of bouwtijd aan de motie toe.
- 8Open bron bij Sweco en Hekkelman Advocaten, in opdracht van BZK
Impact bezwaar- en beroepsprocedures op vertraging woningbouw
Sweco en Hekkelman Advocaten, in opdracht van BZK 14 oktober 2024 Overheidsonderzoek
Link gecontroleerd opBekijk Panopta's onderbouwing
Samenvatting van de bron
Het rapport onderzoekt vertraging door bezwaar en beroep en noemt zorgvuldig participeren en vroeg in gesprek blijven als mogelijke manieren om het aantal beroepen te beperken. Het benadrukt tegelijk dat procedures niet volledig zijn te voorkomen en dat de vroege planvorming de meeste vertraging veroorzaakt.
Waarom relevant voor dit besluit
De bron onderbouwt waarom vroege participatie binnen een versnellingsaanpak wordt genoemd en voorkomt dat zij als gegarandeerde oplossing wordt gepresenteerd.
Hiervoor gebruikt
- Vroege participatie als mogelijke procesmaatregel
- Geen garantie dat beroepen verdwijnen
- Planvorming als bredere vertragingsbron
Wat deze bron niet bewijst
Het onderzoek meet geen effect van de gevraagde voorbeeldbundel en baseert de aanbevelingen mede op een beperkte interviewgroep en ouder omgevingsrecht.


